



De Kersentuin, het landgoed van een oude Russische familie, is failliet.
Zolang de bewoners hun lijfeigenen hadden, was het leven goed. Men hoefde alleen
maar te consumeren. Helaas, het systeem is in elkaar gezakt. Gewend aan een
leven op de pof, is men niet in staat een adequate oplossing te bedenken voor de
ontstane situatie. Men klampt zich vast aan het bekende: zoals het was, zo moet
het blijven. Andere mogelijkheden worden hooghartig van de hand gewezen. Het is
niet moeilijk parallellen te zien tussen de Kersentuin en het huidige Europa.
Net als de bewoners van de Kersentuin, leven wij Europeanen al generaties lang
op de zak van anderen. In Rusland lag het lijfeigenschap aan de basis van de
rijkdom van enkelen, in Europa waren het de koloniën die voor onze rijkdom
zorgden. Onder de oppervlakte van wat eens een veilig, gewatteerd universum was,
woekert de schimmel van een decadente levenswijze. Het wachten is op het moment
dat het door de dunne laag van beschaving heen breekt. Als de rijken hun
bezittingen verliezen en de afstammelingen van de bezitlozen zich gereedmaken om
de opengevallen ruimtes in te nemen, schudt de bekende wereld op zijn
grondvesten.
Twintig reddingsdekentjes bedekken de vloer. Kleine sculpturen van voedsel staan op de hoeken van de dekentjes. Kegels van roze spaghetti en gouden meloenen bijvoorbeeld. De ruimte straalt intimiteit uit, maar zodra de elf spelers de vloer betreden, is het verval ingezet. Geleidelijk wordt alles verwoest en een smerige witte vloer blijft over, wat troosteloze proppen folie en veel vertrapt voedsel. Het licht maakt dezelfde ontwikkeling door, van verhullend tot genadeloos.
Regie: Lotte de Beer
Spel: Daniela Bernoulli, Martine Dukker, Gusta Geleijnse, Casper Gimbrere, Juda
Goslinga, Dunya Khayame, Anne Lamsvelt, Javier Lopez Pinon, Sevaes Nelissen,
Abel Nienhuis, Bob Stoop
Dramaturgie: Aafke de Jong
Lichtontwerp: Jeroen de Boer
Regie assistent: Olivier Diepenhorst
Assistent vormgeving: Eline Esseveld
Techniek: Anthony Kappel, Daan Westendorp
Productie: Winnie Hänschen
Fotografie: Jean van Lingen en Willem Sluyterman van Loo